Ben jij misschien iemand die de deur van de kerk nog wekelijks platloopt? Of platstrompelt, want de tijd dat je een half uur vroeger in de kerk moest zijn om toch maar een stoeltje te kunnen bemachtigen is toch al lang voorbij.
Wij dus (ook) niet. Ook onze kinderen hebben eigenlijk, ondanks het feit dat ik bij hun papa bijna op mijn knieën heb moeten smeken om ze te laten dopen, een kerk nog niet echt van binnen kunnen aanschouwen. Op een aantal occasionele doopvieringen na natuurlijk.
Ook op school worden ze niet overgoten met wijwater aangezien ze naar een gemeentelijke kleuterschool gaan. Het katholieke gaat er niet verder dan een paar parabels van een toevallig verloren gelopen schaap.
Nu heeft mijn schoonmoeder het plan opgevat van er toch iets aan te doen. Heel nobel van haar natuurlijk! Mijn oma was ook de enige die ons de finesses van het Christendom wist voor te schotelen. En waar begint dergelijke ontdekkingstocht … uiteraard in een echt vlaamsch kapelleken!
Dus schoonmoeder met Piraat Stan naar het kapelleke, onderweg vertellend dat ze bij ‘moeke maria’ gingen om bloemetjes te brengen en een kaarsje te doen branden. Met de nodige achtergrondinformatie dat Moeke Maria de mama is van Jezusken, ‘ge weet wel da babyken van int stalleken’.
Aan het kapelleken aangekomen stapt oma binnen met achter haar de anders zo stoere piraat. Oma stapt prompt binnen maar Stan vertrouwt het zaakje niet. Zo maar binnengaan bij iemand vreemd??? (goed opgevoed hé) Hij aarzelt een beetje en vertelt heel droog aan oma: ‘Kom we zijn hier weg, d’r is hier niemand thuis’